Van het uitgestrekte gebouw is met name een theater bewaard gebleven, waarvan het halfronde gedeelte, gericht op het zuiden, een ima cavea verdeeld in drie wiggen en een later toegevoegd media cavea heeft, beide toegankelijk via zijtrappen ingebouwd in torentjes, naast het orkest.
Het podiumgebied bevat ook een bassin loodrecht op de cavea, omgeven door een tuin die werd omsloten door een gebogen muur. Boven dit gebied bevindt zich een andere rechthoekige tuin omringd door een triplex porticus die tevens het podium vormde van het nabije odeion.
Dit tweede gebouw voor voorstellingen behorend bij de villa was eigenlijk een ruimte gewijd aan poëzievoordrachten, retoriek of concerten, bestaande uit zes treden en een vierkante cavea, evenals een grote apsisvormige zaal in het midden van de media cavea, met een podium met een standbeeld. Van het woongebied, voorzien van representatieve kamers, zijn nog enkele thermale ruimtes zichtbaar, met name het calidarium.
Het architectonische complex, daterend uit de 1e eeuw v.Chr. met latere bouwwerken uitgevoerd in de keizertijd, behoorde toe aan de Romeinse ridder Publius Vedius Pollio (Publio Vedio Pollione), een omstreden en rijke figuur van vrijgevochten afkomst, financieel adviseur van Augustus bij de reorganisatie van de provincie Asia, die bij zijn dood al zijn bezittingen naliet aan de keizer, waaronder de villa aan de Baai van Napels die hij Pausylipon noemde (van het Griekse etymon “die bevrijdt van zorgen”).
Vanuit Posillipo liep een tunnel, de zogenaamde Grotta di Seiano omdat deze werd toegeschreven aan Lucius Aelius Seiano, een generaal en vriend van Tiberius, die in tufsteen was uitgehouwen over een lengte van ca. 800 meter en het Napolitaanse deel van de kust met dat van Coroglio richting de Phlegraeïsche Velden verbond.

