Vanuit de Plaka, de centrale wijk van het historische Athene, klinken vrolijk de tonen van de Sirtaki, die gedachten omhullen, verdriet verdrijven en de nieuwe beschaving, die steeds Europeesere van de hoofdstad, op afstand houden. Van de eilanden tot de steegjes van Athene, van de Egeïsche tot de Ionische Zee, tot op Kreta, geïsoleerd en majestueus ten opzichte van het vasteland, “leeft” de traditie.
En het zijn juist de jongeren die, hoewel ze een internationaal leven niet afwijzen, een dans met oosterse smaak en bewegingen niet laten sterven; een dans die synchroon en in omarming wordt uitgevoerd; een dans met specifieke betekenissen, een ode aan vriendschap en tolerantie; een dans waarbij de jongeren de traditionele rok, de ceintuur en de kostbare borduursels dragen, om de bewegingen van de olympische atleten te herinneren, in steeds boeiendere voorstellingen. Dezelfde jongeren die ook met de Sirtaki het nachtleven van Athene opluisteren: het moment waarop Atheners graag leven en communiceren.
Reizend naar de binnengebieden van Griekenland ziet men huizen die altijd in aanbouw zijn: spaarzaamheid en een ijverige geest suggereren immers te wachten met het bouwen van zoveel verdiepingen als er kinderen in huis zijn: hoekige constructies waarop echter nooit een fries ontbreekt, dat herinnert aan de oude pracht.
Op de glooiende heuvels van het eiland Kreta vertellen de wijnstokken dat de economie nog steeds op landbouw is gebaseerd. En naast de wijngaarden: olijfgaarden en citrusgaarden; hogerop, op de top, meer of minder bekende acropolis die hun oorspronkelijke verdedigingsfunctie verloren hebben, maar nog steeds uitkijken over de zee. Voor de oplettende en vermoeide reiziger roept dit bijna huidelijk contact met de dingen, deze door geschiedenis doordrenkte verlatenheid, de oude legendes en mythologische fabels op die nog steeds herleven in de vorm van een berg waar Zeus geboren werd, of op de heuvel er tegenover waar het silhouet van een slapende krijger zich aftekent. Fantasie en geschiedenis verweven zich in de oleander die zijn bladeren niet verliest, ter herinnering aan het huwelijk van Zeus en Europa, of in de fontein van prinses Glaukè, vermoord door Medea.
De geschiedenis verschijnt daarentegen krachtig terug binnen de muren van het Paleis van Knossos, waar de Minoïsche beschaving de moderne mens leert dat iemand meer dan 1500 jaar geleden al wist wat een aquaduct, een riolering of de sociale ladder was, in een paleis-stad die op een heuvel ligt. Tussen de Griekse ruïnes blijven archeologen van alle scholen graven, niet op zoek naar onthullende tekenen, maar naar bewijzen die bevestigen dat men te maken heeft met revolutionaire ontdekkingen. De Grieken bijvoorbeeld wisten al hoe ze zich tegen aardbevingen moesten beschermen: een houten laag tussen de stenen van een paleis was de eerste seismische bouw van een volk dat het ijzer nog niet kende.

